Paleografie

De kennis van paleografie of het lezen van oude geschriften is onmisbaar in de genealogie. Vanaf het Ancien Regime (1450-1800) krijgt men te maken met het geschrift van de plaatselijke pastoors die de geboorten, huwelijken en overlijdens optekenden. Testamenten, verkopen, voogdijzaken e.d. werden door de schepenbank behandeld. Deze documenten zijn vaak een bron van informatie voor genealogen en personen geïnteresseerd in heemkunde. Als secundaire bron zijn ze niet te versmaden.

Tot het einde van het Ancien Regime treft men in oude documenten vaak afkortingen aan. Het gaat vaak om standaardafkortingen zoals we ook in onze huidige taal gebruiken, maar soms gebruikte de schrijver zijn eigen afkortingen.

Men treft afkortingen aan in het begin, in het midden en op het einde van woorden aan. Soms worden volledige woorden  of woorddelen afgekort.

= alias

 

= com-, con-, cum

 

 

 = Conincklijke Majestijt

 

= daer

 

= dochter : wordt meestal vooraf gegaan door de voornaam van een van de ouders

 

= ende

 

 

= present

 

 = U edele eerwaarde

 

 

Hoofdletters in de 16e eeuw

A

 


B

 

C

 

D

 

 

 

   E

   F

 

 

 

H

 

  

 I, J

 

K

 

L

 

 

M

 

 

 N

 O

 P

 Q

      R

  

         T

     V

      W

Dit zijn standaardvormen van hoofdletters, elke schrijver had zijn varianten hierop.